Alles over de groene lifestyle

Biologisch vlees

Biologisch vlees is vlees van dieren die op natuurlijke wijze gevoederd en gehouden worden. In Nederland eten we gemiddeld zo’n 85 kilogram vlees per jaar (6), wat ons een zevende plaats geeft op de wereldranglijst. Ongeveer de helft hiervan (42 kilogram) is varkensvlees, een kwart is pluimvee (23,1kg) en de rest is rund- en overige vleessoorten. Schrik niet; deze getallen geven aan dat Nederland jaarlijks voor meer dan een miljard kilogram aan vlees verorbert! Met zo’n hoge vleesconsumptie, is het onze verantwoordelijkheid dat we in ons land het welzijn van de dieren in het oog blijven houden, evenals de gevolgen van de bio-industrie op de volksgezondheid.

Is biologisch vlees gezonder?

Ja! Dieren op een biologische boerderij krijgen alleen dat voedsel toegediend dat van nature bij ze past. Er worden geen genetisch gemodificeerde soja- of maïssoorten aan het dieet toegevoegd en dieren die van nature geen vlees eten wordt geen gemalen vlees toegediend. Ook worden de dieren niet gedwongen tot cannibalisme (het voeren van restanten van de eigen soort), wat ziektes als BSE helpt voorkomen. Omdat het voedsel ook nog eens vrij is van chemische bestrijdingsmiddelen (zie biologische groenten), zullen de dieren (en daarmee het biologisch vlees) minder schadelijke chemicaliën bevatten.

Omdat de dieren op een biologische boerderij voldoende bewegingsruimte hebben, zullen ze minder snel ziektes op elkaar overdragen. Hierdoor is minder vaak medicatie nodig, wat de hoeveelheid antistoffen in het vlees beperkt houdt. Ook staan de dieren minder vaak bloot aan stress, wat de hormoonspiegel op een natuurlijk niveau houdt. Dit laatste is met name van belang bij melkkoeien, waar stress- en groeihormonen makkelijk in de melk terecht kunnen komen.

Biologisch vlees is dus relatief vrij van schadelijke stoffen, wat een positieve uitwerking heeft op de gezondheid van zowel het dier als de vleesetende of melkdrinkende consument.

Biologisch vlees en het milieu

In de biologische veehouderij wordt er in grote mate rekening gehouden met het milieu. Zo wordt het veevoeder voor de dieren niet besproeid met chemische middelen, wat de hoeveelheid zware metalen in de grond en in verschillende voedselketens beperkt houdt. Ook is het aantal dieren op een biologische boerderij beperkt; de hoeveelheid mest blijft hierdoor ingedamd. Vaak wordt de mest direct ingezet om voedergewassen te kweken. Er is dus geen groot mestoverschot, wat het risico op verontreiniging van onder andere het grondwater klein houdt. Ook worden de hoeveelheden broeikasgas (methaan en stikstofdioxide) die uit mest vrijkomen op deze manier beperkt.

Omdat de route tussen voedsel en dier vaak erg kort is (vaak wordt het op dezelfde boerderij verbouwd), komt bij de totstandkoming van biologisch vlees weinig transport kijken. Bij ‘normaal’ vlees wordt het voeder vaak via allerlei transportroutes aangeleverd, wat voor een grote hoeveelheid uitstoot zorgt. Met name afnemers van de grote hoeveelheden voer afkomstig uit Thailand en Brazilië zijn verantwoordelijk voor een flinke uitstoot. Deze veevoeders bevatten grote hoeveelheden genetisch gemanipuleerd Soja en/of Maïs en zijn vaak geënt met antibiotica en groeihormonen. Geen fijn spul dus!

Dierwelzijn

Voor veel mensen is dierwelzijn de hoofdreden voor het overschakelen naar biologisch vlees. Dieren in ‘vleesfabrieken’ worden vaak in vieze, verkrampte stallen gehouden en krijgen onnatuurlijk voer voorgeschoteld vol met antibiotica en groeihormonen. In de ergste gevallen zien de dieren nauwelijks zonlicht en worden ze op lange, overbevolkte transporten gezet naar het slachthuis. Bij kippen worden de snavels verwijderd, bij varkens worden staarten afgeknipt en vissen worden gedwongen in hun eigen uitwerpselen te zwemmen. Mannelijke varkens (beren) worden meestal gecastreerd, omdat op deze manier de ongewenste ‘berengeur’ uit het vlees verdwijnt.

Op biologische boerderijen gaat het er een stuk beter aan toe. De dieren krijgen natuurlijk voer, zien regelmatig zonlicht en kunnen zich gedragen zoals zij dat in de natuur ook zouden doen. Dieren krijgen alleen medicijnen als het écht nodig is en worden niet middels groeihormonen en slecht voeder kunstmatig vetgemest. De lichamelijke integriteit van de dieren blijft intact en de dieren worden op humane wijze geslacht. Door middel van selectief fokken, kunnen sterke dieren verkregen worden met grote resistentie voor ziekten. Op deze manier kunnen uitbraken van ziektes als de Q-koorts en varkensgriepvoorkomen worden.

Keurmerken

Biologisch vlees dat aan de Nederlandse en Europese regels voor biologische veeteelt voldoet, krijgt in Nederland het EKO-keurmerk. Dit keurmerk wordt afgegeven door skal, een organisatie die regelmatig controles uitvoert bij veehouderijen. Andere keurmerken die je op Nederlands vlees (zowel normaal als biologisch) kunt aantreffen zijn onder andere:

  • Beter Leven keurmerk: dit keurmerk geeft met één tot drie sterren aan hoe het gesteld is met het dierwelzijn. zich richt op verbetering van dierenwelzijn.
  • Demeter: vlees met het Demeter-merk voldoet aan de eisen voor de zogenaamde biologisch-dynamische landbouw. De eisen hiervoor zijn nog strenger dan voor het EKO-keurmerk.
  • Label rouge: het label rouge wordt afgegeven aan kippenfokkerijen die extra aandacht besteden aan het welzijn van de kippen.
  • Milieukeur: milieukeur is een keurmerk dat aan varkensvlees en vis wordt afgegeven als het aan een aantal milieu-eisen voldoet.
  • Scharrelvlees: iedere vleessoort heeft een scharrel-keurmerk, dat aangeeft dat de dieren voldoende levensruimte hebben gehad.

Milieucentraal onderhoudt een pagina met informatie over de meeste vleeskeurmerken. Zie de bronnen bij dit artikel voor meer informatie over de keurmerken.

Bronnen en meer info

  1. Biogids – een overzicht van verkooppunten van biologische producten.
  2. Demeter – informatie over het Demeter keurmerk voor biologisch-dynamisch vlees.
  3. Milieukeur – informatie over het milieukeur keurmerk voor milieubewust vlees en vis.
  4. Dierenbescherming – Nederlandse dierenbescherming.
  5. Skal – stichting die het EKO-keurmerk voor biologisch vlees beheert en afgeeft.
  6. Vleesconsumptie stijgt weer in Nederland