Alles over de groene lifestyle

Isolatieglas

Isolatieglas is een vorm van dubbel glas die ter verbetering van de isolatie in kozijnen geplaatst wordt. Isolatie bestaat uit een aantal glasplaten, waartussen zich een hermetisch afgesloten gas bevindt. Voor dit gas kan gekozen worden voor lucht, al moet deze lucht wel zo droog mogelijk zijn. Gebeurt dit niet, dan kan condens aan de binnenkant van de glasplaten neerslaan. Om het warmtetransport verder te verstoren, kan in plaats van lucht gekozen worden voor een relatief zwaar edelgas (meestal argon of krypton), wat convectie tegenhoudt. Om condensvorming tegen te gaan, bevindt zich in de afstandhouder (het element dat de glasplaten uit elkaar houdt) een ‘vochtvretend’ materiaal (silicagel). Mocht dit materiaal verzadigd raken, dan kan er condens in de ruit gaan optreden bij verdere vochttoevoer. De ruit moet in een dergelijk geval vervangen worden. Met de stijging van energieprijzen wordt het ook steeds interessanter te gaan denken aan het duurdere driedubbel glas, dat een nóg betere isolatie garandeert.

HR-coating

Om warmteverlies door straling (warmtebronnen in huis stralen in langgolvig infrarood) te minimaliseren, wordt dubbel glas tegenwoordig voorzien van een reflectieve coating. Deze coating, HR-coating genoemd, kaatst de van binnenuit ontvangen warmte terug de kamer in. De coating bestaat in de meeste gevallen uit een zeer dun zon-doorlatend metaallaagje, dat niet of nauwelijks zichtbaar is. De werkzame metalen zijn onder andere zilver, zink en tin. De coating bevindt zich in de regel aan de buitenzijde van de binnenste glasplaat. Een ‘normale’ HR-plaat heeft een zontoetredingsfactor van ongeveer 65%, wat wil zeggen dat 65% van het invallende zonlicht door het glas naar binnen wordt gelaten. Om deze factor te beïnvloeden, kunnen zowel de dikte als de samenstelling van de coating gevarieerd worden. Hiermee kan een toetredingsfactor tot ongeveer 20% gerealiseerd worden.

Classificatie van HR-glas

De uiteindelijke isolerende werking van een glasplaat wordt beïnvloed door een groot aantal factoren, al zijn de volgende meestal bepalend:

  • Spouwbreedte: is de spouw te smal, dan gaat er warmte verloren omdat de binnenzijde van één glasplaat de andere glasplaat afkoelt middels straling. Is de spouw te breed, dan zorgen stromingen van het gas voor deze warmte-overdracht.
  • Gasvulling: lucht isoleert slechter dan argon, wat op zijn beurt weer slechter isoleert dan krypton, wat op zijn beurt weer slechter isoleert dan xenon. De kosten nemen met zwaardere edelgassen echter wel snel toe.
  • HR-coating: zie hierboven.

Er bestaan vier klassen: HR glas, HR+ glas, HR++ glas en sinds medio 2008 ook ZHR++ glas. De isolerende prestaties van een glaspaneel wordt vaak uitgedrukt in de U-waarde. De U-waarde (eenheid: W/m2K) geeft aan hoeveel warmte er per seconde per vierkante meter en per graad temperatuurverschil tussen beide zijden wordt doorgelaten. In feite is U-waarde het tegenovergestelde van de R-waarde, dus: hoe lager de U-waarde, hoe beter de isolatie. In de door KIWA opgestelde richtlijn BRL 220 wordt de volgende classificatie gehanteerd:

Klasse U-waarde (W/m2K) Lichttransmissie τv (%) Zontoetreding g (%)
HR 1.6 ≤ U ≤ 2.0 τv ≥ 70%  
HR+ 1.2 ≤ U ≤ 1.6 τv ≥ 70%  
HR++ U ≤ 1.2 τv ≥ 70%  
ZHR++ U ≤ 1.2 τv ≥ 70% g ≤ 40%

Problemen met isolatieglas

  • Condens aan de binnenzijde: condens is een gevolg van temperatuurverschil. Zodra lucht verzadigd raakt met vocht, zal het vocht neerslaan op een koud oppervlak. Vaak is dit het glas. Condens aan de binnenzijde is een gevolg van een lage temperatuur gekoppeld aan een hoge luchtvochtigheid van de binnenlucht. Het is volstrekt normaal en is op te lossen via adequate ventilatie.
  • Condens aan de buitenzijde: condens aan de buitenzijde is een gevolg van een lage temperatuur gekoppeld aan een hoge luchtvochtigheid van de buitenlucht. Het is volstrekt normaal.
  • Condens tussen de glasplaten: condens tussen de glasplaten geeft aan de ruit ‘lek’ is en vervangen moet worden.
  • ‘Olievlekken’: dankzij het natuurkundige verschijnsel interferentie) kan het zijn dat onder bepaalde lichtomstandigheden olievlekachtige verkleuringen zichtbaar worden. Dit is normaal.
  • Kleur: afhankelijk van de gasvuling en HR-coating, kan een glaspaneel een bepaalde kleurtint lijken te hebben. Om verschillen tussen individuele ruiten in één vertrek te voorkomen, kunt u het beste alle ruiten van een vertrek voorzien van glas van dezelfde fabrikant.

Vacuüm glas

Een vacuüm isoleert beter dan welk gas dan ook; stroming en geleiding worden volledig onmogelijk gemaakt en warmtetransport kan alleen nog maar middels straling geschieden. Een paneel van vacuümglas bestaat uit glasplaten, waartussen zich een vacuüm bevindt. Om te voorkomen dat het glas vanwege externe atmosferische druk implodeert, is het nodig dat het aan de binnenkant op enkele plaatsen gestut wordt. Hiervoor wordt een materiaal met zo hoog mogelijke R-waarde gekozen. Het vacuüm wordt in stand gehouden middels een membraan. Vacuüm glas heeft naast thermische isolatie ook andere voordelen. Zo maakt het gebrek aan een intern medium het paneel tot een uitstekende isolator van geluid. Ook condensatie komt vanwege de hoge isolatiewaarde nauwelijks voor. Het komt meestal pas voor bij een buitentemperatuur van rond de -20°C en is dus in ons klimaat een non-issue. Vacuüm glas heeft een U-waarde van rond de 1.2 W/m2/K, maar is duur en verliest zijn effectiviteit gedurende de beperkte levensduur.